Koppenhinksteeg 6
2312 HX Leiden
T. 071-5125636
E. info@uitgeverijginkgo.nl
Boeken: Geschiedenis
De Leidse Fabriekskinderen
Kinderarbeid, industrialisatie en samenleving in een Hollandse stad, 1800-1914
Cor Smit

528 pagina's
paperback
Ä 35,-- + evt. porti

ISBN 978-90-71256-33-2

Bestellen / Order

In De Leidse Fabriekskinderen onderzoekt Cor Smit de ontwikkeling van de kinderarbeid in de industrie in de lange negentiende eeuw. Het is het eerste systematische onderzoek naar kinderarbeid in het zich industrialiserende Nederland sinds de eerste decennia van de twintigste eeuw.

Fabrieksstad Leiden staat centraal, maar ook de ontwikkeling elders in Nederland komt aan bod. Omdat Leiden al in de Gouden Eeuw een centrum van textielnijverheid was, kan tevens in beeld gebracht worden hoe de kinderarbeid in de negentiende eeuwse stoomfabrieken zich verhield met die in een verder verleden. De kinderarbeid wordt bekeken in relatie met de ontwikkeling van de nijverheid, het onderwijs, het arbeidershuishouden, de opvattingen daarover en de wetgeving.

Vaak wordt gesteld dat het Kinderwetje van Van Houten eigenlijk niet meer nodig was, dat ‘de’ kinderarbeid vanzelf verdween door ontwikkelingen in de industrie en de toename van welvaart. Duidelijk wordt echter dat het Kinderwetje wel degelijk nodig was. Tegelijkertijd verdween kinderarbeid niet. Integendeel zelfs, zo blijkt wanneer ook kinderen van twaalf, dertien, veertien en vijftien jaar bij het onderzoek worden betrokken. De allerjongsten verdwenen uit de fabriek, maar vooral meisjes vanaf twaalf vond men er in steeds groter aantal. De vraag bleef bestaan, terwijl het aanbod verzekerd was doordat veel arbeidersgezinnen de inkomsten van de kinderen niet konden missen. De meeste arbeiderskinderen gingen wel naar de lagere school, maar maakten die niet af. De Leerplichtwet veranderde daar maar weinig aan.

De veranderingen die de kinderarbeid door maatschappelijk debat en wetgeving wel onderging, hadden weinig te maken met andere behoeften vanuit de industrie. Het was vooral angst dat de samenleving te gronde zou gaan door de gevolgen van  industrialisatie en armoede, die leidde tot hervormingen. Ook de arbeiderskinderen zelf, de straatjongens en fabrieksmeiden, joegen de nette burgers angst aan.

De geschiedenis van de kinderarbeid is geen verhaal dat tot een simpel schema terug te brengen is, geen eenvoudig verhaal over sociale vooruitgang met good guys en bad guys. Veel verschillende factoren speelden een rol. Door zich te richten op één stad, konden deze in kaart gebracht worden. Daardoor geeft De Leidse Fabriekskinderen niet alleen een beeld van industrialisatie en kinderarbeid, maar van het hele maatschappelijke en ideologische krachtenveld in een Hollandse stad in de negentiende eeuw.